De mening van de commentator: een dreigend stigma?
De afgelopen weken verkeerden we in een zoete oranje gekleurde voetbalroes. Vergelijkbaar met een WK Allround, maar dan wekenlang. We hebben genoten van wedstrijden, voorbeschouwingen, nabeschouwingen, niet te herleiden spreuken van Cruijff, biertjes bij de tv, oranje taferelen op straat. Waar de meningen wat meer over verdeeld zijn, is de kwaliteit van de commentatoren, verslaggevers en interviewers bij de wedstrijden. Wat we de commentatoren horen zeggen op tv draagt (of het nu willen of niet) toch bij aan onze eigen beeldvorming van wat we op televisie zien. Ook beïnvloedt het de sfeer in de huiskamer. Als je er niet op bedacht bent, of zelf niet alvast een eigen beeld had, gebeurt het soms heel geleidelijk: we bezien de wedstrijd vanuit het perspectief van de commentator. Enerzijds is het fijn dat je het gevoel hebt dat iemand 'in je huiskamer' met je meekijkt en je voorziet van wetenswaardigheden die een rol kunnen spelen in het verloop van de wedstrijd. Informatie over blessures, informatie over trainingen, een kijkje in de keuken van de ijsbaan, de kwaliteit van het ijs...heel handig. Maar is dat wel altijd zo?
Stigma
Natuurlijk is het fijn om door iemand bijgepraat
over de wedstrijd. Voor mijzelf geldt dat ik vaak echt leuke informatie
toegespeeld krijg. Soms echter krijg ik het beklemmende gevoel dat ik
teveel meningen hoor. Meningen die als feit gebracht worden, en die
door de gekozen toonzetting de kijker opgedrongen worden. Ik zal eens
een greep doen uit de oude schaatsdoos en de recente voetbaldoos. Wat
bijvoorbeeld te denken van: "Het is ook wel kommer en kwel met Gretha Smit, altijd maar die blessures". Ja
zeg, dat helpt. Voor je 't weet denkt de niet kritische kijker dat
Gretha een pechvogel is die de top niet meer kan halen. Onzin!
Hetzelfde werd ooit gezegd over Barbara de Loor. Die vervolgens wél
mooi wereldkampioene werd op de duizend meter. Rintje Ritsma is ook tot
vervelens toe doorgezaagd: "Wanneer ga je stoppen?". Of deze: "Het Nederlands elftal heeft in het spel te lijden gehad onder het persoonlijke drama van Khalid Boulahrouz".
Wie bepaalt dat? Zit de commentator in het hoofd van de spelers? Ik
hoop het niet, zeg! En laten we de ongezouten kritiek over Marco van
Basten niet vergeten (ANP, 3 oktober 2006): "Seedorf en Kluivert hebben nooit bedankt voor Oranje, terwijl Van
Bommel en Van Nistelrooy niet meer met Van Basten willen werken. Die
opstelling is niets minder dan een motie van wantrouwen. Het is aan Van
Basten die te overleven". Nou, dat is fijn. Meningen die als feiten worden gepresenteerd. Gelukkig is dat tij gekeerd - en terecht.
Wat wat mij betreft niet de schoonheidsprijs verdiende, was de
manier waarop na de op zaterdag jl. verloren kwartfinale tegen Rusland
bij diverse spelers prangend werd doorgevraagd naar de invloed die de
situatie van Boulahrouz had gehad op de uitkomst. Stijlloos. Buiten het
feit dat er vanuit pure nieuwsgierigheid wordt gegraven naar antwoorden
mij buitengewoon irriteerde, gebeurde er ook iets anders bij mij: ik
kreeg last van een vervelend gevoel, dat lijkt op plaatsvervangende
schaamte. Een journalist bekleedt op het moment van interviewen de
positie van degene die alles voor 'de mensen' te weten wil komen. Hij
representeert in zekere zin 'de kijker' op dat moment. Maar op het
moment dat stijlloze vragen worden gesteld, representeert hij ons dus
óók. Brr. Een beklemmende gedachte. Gelukkig ben ik als kijker niet de
enige die er niet onverdeeld gecharmeerd van is.
Tijdens die bewuste wedstrijd (Nederland-Rusland) had ik bij tijd en wijle het idee dat de commentator
een volstrekt andere wedstrijd zat te bekijken dan wij in de huiskamer.
Sommige kritieken die ik erover op internet vind, zijn m.i. wel wat ál
te ongezouten (ook weer niet mijn stijl), maar goed. Het laat wel zien dat de meningen verdeeld zijn.
Uitspelen via de media: heeft dat dan wél stijl?
Bekend op internet is het fragment
waarin Marco van Basten de manier van vragen stellen door verslaggever
Bert Maalderink irritant vindt. Marco onderbouwt ook waaróm hij dat
vindt. Nu zou je kunnen bedenken dat Bert eerst bij zichzelf te rade
zou gaan, maar dit is niet waar hij voor koos. Zijn voorkeur was om het
fragment te voorzien van een bijdehante uitspraak aan het eind. Zijn
gezicht redden. Zijn methode bezegelen met commentaar op de bondscoach.
Tja. Of dát nu zo stijlvol is? Zijn persoonlijke akkefietje uitspelen
via de media? Dacht het niet. Ik heb ook wel eens een akkefietje gehad
met iemand. Daar verveel ik mijn lezers toch óók niet mee? Het is niet
mijn bedoeling om Maalderink te 'dissen' op deze blog. Het fragment is
alleen zo heerlijk illustratief. Het kan zijn dat zijn toonzetting
slechts 'een manier' is om zijn interviewees scherpe uitlatingen te ontlokken. Hij hoeft naar eigen zeggen niet het vriendje van de sporters te zijn, maar het lijkt me ook niet echt constructief als deze en gene niet meer met je willen praten.
Willen we het anders? Kan het anders?
Soms kies ik ervoor
de radio aan te zetten, of gewoon helemaal het geluid uit. Niet dat ik
vind dat alle commentatoren en interviewers het niet goed doen.
Bijlange na niet. Zo vind ik bijvoorbeeld Sebastiaan Timmerman het goed
doen op Radio 1. En hij is niet de enige. Maar goed. Het is een
creatief vak, en over smaak valt niet altijd te twisten.
Soms heb ik gewoon geen zin in andermans meningen. Ik bekijk het zélf wel, en vorm dan een mening. Misschien ligt daar wel een leuke oplossingsrichting. We zouden een pool van commentatoren via internetradiokanalen kunnen vragen live hun werk te doen. Gewoon, als experiment. En dan tijdens de wedstrijd zappen op je laptop. Ik zou Theo Koomen wel weer eens willen horen ('Kómt dat schòòòòòt')...of Jacques Chapel. Of mijn eigen vorige schaatscoach Truus van A. uit Den Haag. Of Gerard van Velde. Hè, kunnen we daar niets méér mee? Gastcommentatoren?
Wie is jouw favoriete commentator?
Ik ben eigenlijk wel
benieuwd naar wie jullie favoriete commentatoren zijn (en nu niet
alleen maar negatieve dingen opschrijven, hè?), en waarom jullie blij
zijn met het licht dat zij werpen op wedstrijden. Misschien kunnen we
een leuke lijst met stimulerende complimenten naar hen opsturen. Of
opbouwende kritiek. Stem 's in de poll die ik vandaag zal publiceren op
Schaatsreporter.nl. Ben benieuwd.
Ook zo'n zin in het komende schaatsseizoen? :-)



















'Kómt dat schòòòòòt' was van Hugo Walker.
Theo Komen is al van veel verder terug en was voor bekent om zijn grote duim en overenthousiast commentaar voor radio tour.
Geplaatst door: Wichert | 4 juli 2008 om 8:37